Constance van den Akker, bewoonster Betsie van Orsouw (85) en Demi Heij in de gezamenlijke woonkamer van woonzorgcentrum De Wellen. "Het is heel afwisselend. Geen dag is hetzelfde", vertelt Constance.
Constance van den Akker, bewoonster Betsie van Orsouw (85) en Demi Heij in de gezamenlijke woonkamer van woonzorgcentrum De Wellen. "Het is heel afwisselend. Geen dag is hetzelfde", vertelt Constance. (Foto: Dick Hubertus)

Bij De Wellen 'elke dag zo fijn mogelijk'

OSS - Constance van den Akker en Demi Heij zijn het er roerend over eens: "Werken in een zorgcentrum kun je alleen doen als je van mensen houdt. Wij vinden het fijn om mensen te helpen, voor ze te zorgen en een huiselijke sfeer te verwezenlijken. Voor onze cliënten is het immers hun thuis en vaak ook hun laatste station. Landelijk is de zorg veel in het nieuws. Termen als bezuinigingen en werkdruk vallen veelvuldig. Reden genoeg om eens op onderzoek te gaan bij woonzorgcentrum De Wellen waar ouderen met lichamelijke beperkingen of dementie wonen.

Door Dick Hubertus

Constance van den Akker werkt er al bijna 25 jaar. Elke afdeling van ongeveer tien bewoners heeft een eigen gezamenlijke woonkamer met keuken. Samen met een collega is Constance (43) cliënt- contactpersoon voor de bewoners. In deze vorm van kleinschalig wonen heeft zij veel contact met uiteraard de bewoners en hun families, maar ook met disciplines zoals de arts, fysiotherapeut, ergotherapeut, logopedist, diëtiste, psycholoog, maatschappelijk werk en geestelijk verzorger.

Over haar werk zegt Constance: "Het is heel afwisselend. Geen dag is hetzelfde. Je moet wel een zorghart hebben om dit werk te kunnen doen. Je draagt ook een grote verantwoordelijkheid, waarbij het welzijn van de cliënt bij ons voorop staat."

Bij tijd en wijlen krap
Constance vervolgt: "Ook de contacten met de genoemde disciplines die we hier in huis hebben maken het werk interessant. De werkdruk heb ik door de jaren heen zeker zien toenemen. Toen ik begon hadden we bijvoorbeeld nog tijd om met de mensen naar de markt te gaan. Voor dit soort activiteiten worden tegenwoordig vrijwilligers ingeschakeld. Bij tijd en wijlen is de bezetting echt krap. De helft van de dag staan we alleen voor de zorg van negen bewoners. In geval van nood kunnen we iemand van een andere woning bellen, die echter ook alleen staat. Qua bezetting mag het echt wel wat royaler. Gelukkig hebben we in onze woning een heel fijn team van in totaal tien dames."

Imagoprobleem
Demi Heij (21) is de jongste verzorgende van de afdeling. Over haar motivatie om voor het vak te kiezen vertelt ze: "Toen mijn oma ziek werd vond ik het fijn om er voor haar te zijn: samen eten, met haar praten, liefde geven en samen dingen doen die ze nog kon. Toen ze overleed vond ik het ook heel mooi haar te kleden en in de kist te leggen. Ik dacht: waarom zou ik dat ook niet voor anderen kunnen doen? Hun laatste levensfase zo liefdevol mogelijk begeleiden en dat met een lach en een traan." Demi merkt wel dat haar beroep bij sommigen, met name jongeren, een imagoprobleem heeft. Ze zegt: "Als ik vertel wat ik voor werk doe krijg ik vaak als reactie: Oh, "kontenwasser". Nou, het is veel meer dan dat. Dan zeg ik: "Loop maar eens een dagje met ons mee."

Voldaan naar huis
"Het werk geeft mij veel voldoening. Iedere bewoner is anders. Bij de een is 's avonds 'welterusten' voldoende, een ander wil lekker ingestopt worden. En wanneer iedereen weer fijn en tevreden in bed ligt, dan ga ik ook met een voldaan gevoel naar huis. Jammer dat er zo veel bezuinigd wordt dat niet alleen wij er onder lijden, maar ook de bewoners. We zouden graag veel vaker een luisterend oor willen bieden. Wij als verzorgenden laten onze mensen echter niet in de steek en dat weten de beleidsmakers in Den Haag. En eigenlijk wordt daar misbruik van gemaakt."

Meer berichten




Shopbox